Nieuwe Gemeentewet, artikel 134, § 1: In geval van oproer, kwaadwillige samenscholing, ernstige stoornis van de openbare rust of andere onvoorziene gebeurtenissen, waarbij het geringste uitstel gevaar of schade zou kunnen opleveren voor de inwoners, kan de burgemeester politieverordeningen maken, onder verplichting om daarvan onverwijld aan de gemeenteraad kennis te geven [... (opgeh. KB 30 mei 1989, art. 27, I: 1 juni 1989)], met opgave van de redenen waarom hij heeft gemeend zich niet tot de raad te moeten wenden. [... (opgeh. KB 30 mei 1989, art. 27, I: 1 juni 1989)] Die verordeningen vervallen dadelijk, indien zij door de raad in de eerstvolgende vergadering niet worden bekrachtigd.
Nieuwe Gemeentewet 135, § 2, tweede lid, 5°: De gemeenten hebben ook tot taak het voorzien, ten behoeve van de inwoners, in een goede politie, met name over de zindelijkheid, de gezondheid, de veiligheid en de rust op openbare wegen en plaatsen en in openbare gebouwen. Meer bepaald, en voor zover de aangelegenheid niet buiten de bevoegdheid van de gemeenten is gehouden, worden de volgende zaken van politie aan de waakzaamheid en het gezag van de gemeenten toevertrouwd: 5° het nemen van passende maatregelen om rampen en plagen, zoals brand, epidemieën en epizoötieën te voorkomen en het verstrekken van de nodige hulp om ze te doen ophouden.
Het Decreet over het Lokaal Bestuur van 22 december 2017, artikel 63, eerste lid: Naast zijn bevoegdheden voor de uitvoering van de politiewetten, politiedecreten, politieverordeningen, politiereglementen en politiebesluiten, voor de bestuurlijke politie op het grondgebied van de gemeente en voor dringende politieverordeningen is de burgemeester bevoegd voor de uitvoering van de wetten, de decreten en de uitvoeringsbesluiten van de federale overheid, het gewest of de gemeenschap tenzij die bevoegdheid uitdrukkelijk aan een ander orgaan van de gemeente is opgedragen.
Het ministerieel besluit van 30 juni 2020 houdende dringende maatregelen om de verspreiding van het coronavirus Covid-19 te beperken, zoals gewijzigd bij het ministerieel besluit van 25 september 2020 en 8 oktober 2020.
De politieverordening van de gouverneur van de provincie Antwerpen van 1 oktober 2020 betreffende aanvullende maatregelen in de strijd tegen het coronavirus COVID-19.
Op 14 oktober 2020 nam de burgemeester het besluit om de mondmaskerplicht in de winkelstraten in te voeren. Op het grondgebied van de gemeente Zwijndrecht worden volgende straten als winkelstraten beschouwd:
- de volledige Statiestraat
- het stimuleringsgebied in Burcht zoals vastgesteld in de gemeenteraad van 28 augustus 2014. Het betreft volgend gebied: de Pastoor Coplaan van nr. 266 en overliggend tot aan de Dorpstraat + Dorpstraat van de Mouterij tot aan de Kerk + Kloosterstraat nr. 14 en overliggend tot aan het kruispunt Pastoor Coplaan - Dorpstraat.
In deze straten is het dragen van een mondneusmasker vanaf 12 jaar verplicht vanaf 7u 's ochtends t.e.m. 19u 's avonds.
De gemeenteraad bekrachtigt het burgemeestersbesluit van 14 oktober 2020 om de mondmaskerplicht in te voeren in de winkelstraten.